Pensioen ABC
Algemene Nabestaandenwet
In de Algemene nabestaandenwet (de Anw) staan de regels voor de Anw-nabestaandenuitkering. Dit is een uitkering die uw nabestaanden kunnen krijgen als u overlijdt. De uitkering gaat meestal naar uw partner en uw kinderen. Uw ex-partner kan er ook recht op hebben. Het is niet zeker dat uw nabestaanden na uw overlijden een uitkering krijgen. Voor uw (ex-)partner hangt het af van zijn of haar inkomen, leeftijd, gezinssamenstelling en mate van arbeids(on)geschiktheid. Heeft uw partner kinderen jonger dan 18 jaar, dan krijgt hij of zij een halfwezenpensioen. Voor deze uitkering maakt het niet uit hoeveel uw partner verdient. Als uw kinderen geen ouder meer hebben na uw overlijden, krijgen zij tot een bepaalde leeftijd een wezenuitkering.
AOW
Iedere inwoner van Nederland krijgt vanaf zijn 65ste jaar een basispensioen. Dit staat in de Algemene Ouderdomswet (de AOW). De AOW is niet voor iedereen even hoog. Hoeveel u krijgt, hangt af van uw persoonlijke situatie. Iedere inwoner van Nederland bouwt vanaf zijn 15de jaar elk jaar 2% AOW op. Als u tijdelijk in het buitenland woont, bouwt u geen AOW op. U krijgt dan dus minder geld als u 65 bent.
Anw-uitkering
De Anw-nabestaandenuitkering is een uitkering die uw nabestaanden kunnen krijgen als u overlijdt. De uitkering gaat meestal naar uw partner en uw kinderen. Uw eventuele ex-partner kan er ook recht op hebben. Het is niet zeker dat uw nabestaanden na uw overlijden een uitkering krijgen. Voor uw (ex-)partner hangt het af van zijn of haar inkomen, leeftijd, gezinssamenstelling en mate van arbeids(on)geschiktheid. Heeft uw partner kinderen jonger dan 18 jaar, dan krijgt hij of zij hiervoor een halfwezenuitkering. Voor deze uitkering maakt het niet uit hoeveel uw partner verdient. Als uw kinderen geen ouder meer hebben na uw overlijden, krijgen zij tot een bepaalde leeftijd een wezenuitkering.
AOW-uitkering
Iedere inwoner van Nederland krijgt vanaf zijn 65ste jaar een basispensioen. Dit staat in de Algemene Ouderdomswet (de AOW). De AOW is niet voor iedereen even hoog. Hoeveel u krijgt, hangt af van uw persoonlijke situatie. Iedere inwoner van Nederland bouwt vanaf zijn 15de jaar elk jaar 2% AOW op. Als u tijdelijk in het buitenland woont, bouwt u geen AOW op. U krijgt dan dus minder geld als u 65 bent.
Arbeidsongeschiktheidspensioen
Dit is het pensioen dat u krijgt als u 65 jaar of ouder bent en arbeidsongeschikt bent. Als u jonger dan 65 bent en arbeidsongeschikt raakt, krijgt u een WIA-uitkering. Sommige pensioenregelingen zorgen voor een aanvulling op de WIA-uitkering. Deze aanvulling krijgt u dan tot uw pensioendatum. Na uw pensioendatum krijgt u uw arbeidsongeschiktheidpensioen.
Bedrijfstakpensioenfonds
Dit is een pensioenfonds speciaal voor een specifieke bedrijfstak, zoals bijvoorbeeld de detailhandel. Als u in zo'n bedrijfstak werkt, moet u meestal verplicht meedoen met de pensioenregeling van het bedrijfstakpensioenfonds. Er zijn ook ondernemingspensioenfondsen en beroepspensioenfondsen.
Bestuur
Elk pensioenfonds heeft een bestuur. In het bestuur zitten mensen namens de werkgever en de werknemers. Ook werkgeversorganisaties en werknemersorganisaties (bijvoorbeeld vakbonden) kunnen deelnemen. Het bestuur geeft leiding aan de organisatie. En neemt belangrijke beslissingen.
Bijzonder partnerpensioen
Gaat u scheiden van uw partner, dan heeft hij of zij misschien recht op een partnerpensioen. Dit heet het bijzonder partnerpensioen. Hij of zij krijgt dit als u overlijdt. Uw pensioenuitvoerder stuurt uw ex-partner een bewijs als hij of zij recht heeft op dit pensioen.
Buitenland
Als u in het buitenland woont of hebt gewoond, kan dat invloed hebben op uw pensioen. Voor elk jaar dat u niet in het buitenland woont (tussen uw 15e en 65ste jaar) krijgt u 2% minder AOW. Uw pensioen kunt u ook in het buitenland ontvangen. Voor uw AOW moet u dan aan een aantal zaken denken. Ga voor meer informatie hierover naar www.svb.nl.
Burgerlijke staat
Uw burgerlijke staat zegt iets over of u een partner heeft en hoe u hiermee samenleeft. Dus: bent u gehuwd, ongehuwd, gescheiden, alleenstaand of hebt u een geregistreerd partnerschap? Voor uw ouderdomspensioen maakt het niet uit wat uw burgerlijke staat is. Voor de AOW-uitkering is uw burgerlijke staat wel belangrijk. Een alleenstaande krijgt bijvoorbeeld minder AOW dan iemand met een partner.
Voor het partnerpensioen is de burgerlijke staat ook belangrijk. Hebt u een (ex-)partner en overlijdt u? Dan krijgt hij of zij partnerpensioen. Bent u alleenstaande? Dan mag u uw partnerpensioen omruilen. U kunt dan een hoger ouderdomspensioen krijgen of eerder met pensioen gaan.
Conversie
Conversie betekent letterlijk 'omzetting'. Bij pensioenen betekent het dat we een of meer pensioensoorten omzetten in een andere pensioensoort. Zo kunt u bijvoorbeeld bij echtscheiding afspreken dat u een eigen recht op het verdeelde ouderdomspensioen en eventueel bijzonder partnerpensioen krijgt.
Deelnemer
U bent deelnemer aan een pensioenregeling als u pensioen opbouwt via een pensioenfonds of een andere pensioenuitvoerder, zoals een levensverzekeringsmaatschappij.
Deelnemersraad
Een pensioenfonds heeft een bestuur en een deelnemersraad. De mensen uit de deelnemersraad geven advies aan het bestuur. Een pensioenfonds heeft een deelnemersraad als:
- 5% van de (ex-)deelnemers van het pensioenfonds dat wil.
- het bestuur daar zelf vrijwillig voor kiest.
Deeltijdpensioen
U kunt voor uw 65ste jaar met deeltijdpensioen gaan. U werkt dan voor een deel. En voor een deel bent u met pensioen.
Demotie
Krijgt u een nieuwe functie? En gaat u minder verdienen? Dan heet dat demotie. Dit is het omgekeerde van promotie. Gebeurt dit in de laatste tien jaar voor uw pensioen, dan mag u pensioen blijven opbouwen zoals het was bij uw oude, hogere, salaris. Dat is echter niet verplicht.
Excedentregeling
In een pensioenregeling staat omschreven over welk deel van uw salaris u pensioen op mag bouwen. Hier zit een maximum aan. Als u meer verdient, mag u meedoen aan een excedentregeling. Dit is een extra aanvullende pensioenregeling. U kunt zo meer pensioen opbouwen.
Factor A
Deze factor laat zien hoeveel pensioen u hebt opgebouwd in een bepaald jaar. U krijgt ieder jaar van uw pensioenuitvoerder een opgave van de factor A. U hebt de factor A nodig om uw jaarruimte te berekenen.
Flexibele pensionering
U kunt bij sommige pensioenregelingen zelf bepalen wanneer u met pensioen gaat. Dit heet flexibele pensionering. Hier gelden wel regels voor. Vraag dit bij uw werkgever/pensioenfonds na.
Franchise
U hoeft niet over uw hele salaris pensioen op te bouwen. U krijgt later namelijk ook al AOW. De franchise is dat deel van uw salaris dat niet meetelt voor de opbouw van uw pensioen. Het franchisebedrag verschilt elk jaar.
FVP-regeling
FVP staat voor Fonds Voorheffing Pensioenen. Dit fonds heeft een regeling voor mensen die ouder zijn dan 40 jaar en die werkloos worden. Door deze regeling blijven zij gewoon pensioen opbouwen. Wel moeten zij dan een loongerelateerde werkloosheidsuitkering ontvangen. En er geldt een wachttijd van 180 dagen.
Let op! De FVP-regeling verandert binnenkort. Bent u boven de 40 jaar en wordt u op of na 1 januari 2010 werkloos? Dan krijgt u geen FVP-bijdrage meer. Het fonds wil tot 1 januari 2010 de volledige FVP-bijdrage blijven betalen. Helaas kunnen zij dit niet 100% beloven.
Geregistreerd partnerschap
U kunt bij de notaris laten vastleggen wie uw partner is. Dit heet een geregistreerd partnerschap. Voor een pensioenregeling hebben u en uw partner nu dezelfde rechten als wanneer u getrouwd zou zijn.
Gewezen deelnemer
Hebt u een nieuwe baan? Dan doet u niet meer mee aan de pensioenregeling van uw oude werkgever. U bent dan een 'gewezen deelnemer'. U bouwt daar zelf geen pensioen meer op. Het pensioen dat u hebt opgebouwd, blijft van u.
Hoog/laag-constructie
U kunt kiezen om na uw pensionering eerst een hoger pensioen en later en lager pensioen te krijgen. Of andersom. Dit noemen we de hoog/laag-constructie. Het verschil tussen het hoogste en het laagste pensioen mag niet te groot zijn.
Indexering
Geld wordt elk jaar minder waard. Zo kunt u over tien jaar minder kopen voor een euro dan nu. Uw pensioen wordt dus ook minder waard. In veel pensioenregelingen wordt het pensioen daarom jaarlijks verhoogd. Daarbij wordt rekening gehouden met de prijsstijging en loonontwikkeling. Pensioenfondsen zijn niet verplicht om te indexeren. Elk jaar kijken ze of ze voldoende geld hebben hiervoor.
Middelloonregeling
Bij de middelloonregeling wordt uw pensioen berekend op basis van het gemiddelde salaris dat u hebt verdiend tijdens uw loopbaan. Dit heet ook een opbouwregeling. Bij sommige middelloonregelingen wordt het opgebouwde pensioen geïndexeerd. Zo behoudt het pensioen zijn waarde. Pensioenfondsen zijn niet verplicht om te indexeren. Andere regelingen zijn de eindloonregeling, de gematigde eindloonregeling en de beschikbare premieregeling.
Ouderdomspensioen
Als u met pensioen gaat, ontvangt u ouderdomspensioen. U krijgt uw pensioen meestal elke maand. Het stopt als u overlijdt. Naast het levenslange pensioen is er ook het tijdelijke ouderdomspensioen.
Partnerpensioen
Dit is het pensioen dat uw nabestaanden krijgen als u overlijdt. Het gaat dan om uw partner, uw eventuele kinderen en soms zelfs uw ex-partner. Partnerpensioen wordt ook vaak nabestaandenpensioen genoemd. Pensioenregelingen hebben verschillende regels voor het partnerpensioen. Het is dus niet zeker dat uw nabestaanden een uitkering krijgen. Lees daarom altijd goed de regels in uw pensioenreglement. U kunt het partnerpensioen op twee manieren regelen: op opbouwbasis en op risicobasis.
Een belangrijk verschil met partnerpensioen op opbouwbasis is de uitkering na ontslag of bij echtscheiding. Als u ontslag neemt of ontslagen wordt, stopt u met premiebetaling. Uw verzekering eindigt dan. Uw nabestaanden hebben dan na uw overlijden geen recht op een uitkering. Bij een echtscheiding heeft uw ex-partner ook geen recht op partnerpensioen. Een ander groot verschil is dat u het partnerpensioen ook niet kunt ruilen voor bijvoorbeeld een hoger ouderdomspensioen.
Partnertoeslag
AOW Als u 65 wordt, krijgt u AOW. Hebt u een partner die jonger is dan 65, dan krijgt u een toeslag. Dit heet de partnertoeslag AOW. De regeling gaat echter veranderen. U krijgt alleen nog partnertoeslag als u vóór 1 januari 2015 65 wordt. Na die tijd krijgt de jongere partner zijn of haar uitkering pas als hij of zij 65 wordt.
Pensioendatum
De datum waarop uw ouderdomspensioen ingaat.
Pensioenfonds
Een pensioenfonds is een organisatie die de pensioenregeling regelt. Een pensioenfonds ontvangt de pensioenpremies en zorgt voor de uitkering aan gepensioneerden. Er zijn drie soorten pensioenfondsen: bedrijfstakpensioenfondsen, ondernemingspensioenfondsen en beroepspensioenfondsen. De Nederlandsche Bank (www.dnb.nl) controleert of de pensioenfondsen hun werk goed uitvoeren.
Pensioengrondslag
Uw pensioengrondslag is uw jaarsalaris minus de franchise. U bouwt pensioen op over de pensioengrondslag. U bouwt dus niet over uw hele salaris pensioen op. U krijgt immers ook AOW van de overheid.
Pensioenleeftijd
De leeftijd waarop uw ouderdomspensioen ingaat.
Pensioenovereenkomst
Dit is een overeenkomst tussen u en uw werkgever waarin staat dat u pensioen opbouwt. Er staat ook dat u pensioen krijgt als u 65 jaar wordt of als u arbeidsongeschikt raakt. Tot slot staat erin dat uw nabestaanden een uitkering krijgen als u overlijdt.
Pensioentekort
In 40 jaar kunt u in principe een 'volledig pensioen' opbouwen. Dit is 70% van uw laatstverdiende salaris. Dit is uw AOW en uw pensioen via de werkgever samen. Of deze 70% later voldoende is om van te leven, hangt af van uw uitgavenpatroon. Wat voor de ene persoon een goed pensioen is, is voor een ander onvoldoende. Kijk daarom goed naar uw persoonlijke situatie en naar uw wensen. Zo kunt u beoordelen of u in uw specifieke situatie een pensioentekort hebt.
Pensioenreglement
Dit is een schriftelijk document waarin precies staat omschreven hoe uw pensioenregeling in elkaar steekt. Er staat ook in wat uw rechten en plichten zijn en wat de rechten en plichten van uw pensioenuitvoerder zijn.
Pensioenuitvoerder
De pensioenuitvoerder is een pensioenfonds of een levensverzekeraar. De pensioenuitvoerder zorgt voor de administratie, de helpdesk en het beleggen van pensioengelden. Ook zorgen zij voor de uitkering van pensioen.
Pensioenverevening
Als u gaat scheiden, krijgt uw ex-partner de helft van het ouderdomspensioen. Het gaat alleen om het pensioen dat u hebt opgebouwd toen u samen was met uw partner. De verdeling van het pensioen heet 'pensioenverevening'.
Premie
De premie is het bedrag dat uw werkgever betaalt aan de pensioenuitvoerder. Met deze premies bouwt u uw pensioen op.
Premievrije pensioenopbouw
Als u helemaal of voor een deel arbeidsongeschikt bent, hoeft u geen pensioenpremie te betalen. U bouwt nog wel pensioen op. Dit noemen we premievrije pensioenopbouw.
Premievrije aanspraak
U doet niet meer mee aan de pensioenregeling. U hebt dan wel nog steeds recht, of 'aanspraak', op het pensioen dat u hebt opgebouwd. Maar u hoeft geen premies meer te betalen. Dat heet premievrije aanspraak.
Premievrijstelling bij arbeidsongeschiktheid
Als u helemaal of voor een deel arbeidsongeschikt bent, hoeft u geen pensioenpremie te betalen. Dit heet premievrijstelling. Uw werkgever betaalt tijdens uw arbeidsongeschiktheid uw premies. Zo bouwt u nog wel pensioen op.
Scheiding
Een scheiding is als de relatie met uw partner voorbij is. Er kan sprake zijn van een echtscheiding, van scheiding van tafel en bed of van een verbreking van het geregistreerd partnerschap.
Slaper
Hebt u meegedaan aan een pensioenregeling, maar doet u nu niet meer mee? En bent u nog niet gepensioneerd? Dan bent u een slaper.
Startbrief
In een startbrief staat uitleg over uw pensioenregeling. Als u zich aanmeldt bij een nieuwe pensioenregeling, krijgt u binnen drie maanden deze startbrief.
Toeslag
Geld wordt elk jaar minder waard. Zo kunt u over tien jaar minder kopen voor een euro dan nu. Uw pensioen wordt dus ook minder waard. In veel pensioenregelingen wordt het pensioen daarom jaarlijks verhoogd. Daarbij wordt rekening gehouden met de prijsstijging en loonontwikkeling. Pensioenfondsen zijn niet verplicht om te indexeren. Elk jaar kijken ze of ze voldoende geld hebben hiervoor.
Uitruil
U mag het partnerpensioen dat u hebt opgebouwd ruilen. Dit heet uitruil. U kunt bijvoorbeeld eerder met pensioen gaan of een hoger ouderdomspensioen aanvragen. Andersom kunt u ook een deel van uw ouderdomspensioen ruilen voor partnerpensioen.
Verevening pensioenrechten bij scheiding
Als u gaat scheiden, krijgt uw ex-partner de helft van het ouderdomspensioen. Het gaat alleen om het pensioen dat u hebt opgebouwd toen u samen was met uw partner. De verdeling van het pensioen heet ook 'verevening'.
VUT-regeling
Dit staat voor Vervroegde Uittreding. De VUT-regeling is een regeling (op vrijwillige basis) waarbij uw werkgever u de mogelijkheid geeft om te stoppen met werken voor uw pensioendatum. U kunt geen VUT-rechten opbouwen, zoals bij pensioen. Bij ontslag vervallen uw aanspraken op de VUT.
Waardeoverdracht
Als u een andere baan krijgt, kunt u uw opgebouwde pensioen meenemen naar uw nieuwe werkgever. Dit heet waardeoverdracht. U moet de waardeoverdracht aanvragen binnen zes maanden nadat u met uw nieuwe baan bent begonnen. Uw nieuwe pensioenuitvoerder stuurt u dan een offerte voor waardeoverdracht. U kunt dan bepalen of waardeoverdracht handig voor u is.