Inkomen bij overlijden
Wanneer u overlijdt, ontvangt uw partner levenslang partnerpensioen. Voor uw kind(eren) is er tot een bepaalde leeftijd wezenpensioen. Verder is er voor uw nabestaande(n) wellicht een Anw-uitkering van de overheid (Algemene Nabestaandenwet).
Partnerpensioen
Dit pensioen wordt uitgekeerd vanaf de eerste dag van de maand waarin u overlijdt. De hoogte van dit partnerpensioen is onder meer afhankelijk van het aantal jaren dat u aan de pensioenregeling hebt deelgenomen en in hoeverre een eventuele ex-partner recht heeft op een deel van het partnerpensioen.
Wie is uw partner?
Onder partner verstaat bpf dranken degene met wie u:
- getrouwd bent;
- een bij de burgerlijke stand ingeschreven samenlevingscontract hebt;
- een notarieel vastgelegde samenlevingsovereenkomst hebt.
Wezenpensioen
Wanneer u overlijdt, krijgen uw kinderen tot hun 18e jaar wezenpensioen van het bpf dranken. Zowel uw eigen kinderen als pleeg- en stiefkinderen hebben recht op wezenpensioen. Als kinderen studeren, ontvangen zij wezenpensioen tot uiterlijk hun 27ste.
Anw (Algemene nabestaandenwet)
In bepaalde gevallen komt uw partner in aanmerking voor een Anw-uitkering van de overheid. Dat is het geval als hij of zij:
- geboren is vóór 1950, of
- minimaal voor 45% arbeidsongeschikt is, of
- één of meer kinderen onder de achttien jaar te verzorgen heeft.
Daarnaast geldt een inkomenstoets. Als uw partner meer verdient dan circa € 708,- bruto per maand, vindt er al korting plaats. Verdient uw partner meer dan circa € 2.350,11- bruto per maand? Dan ontvangt hij of zij helemaal geen Anw-uitkering. Ook wezen en halfwezen komen tot hun 18e in aanmerking voor een Anw-uitkering. Die uitkering is niet inkomensafhankelijk.
Meer informatie over de Anw-uitkering vindt u op http://www.svb.nl/.